In ons vorige artikel Hoe laat je participatietrajecten eerlijk uitpakken? lieten we zien hoe participatie er soms onbedoeld voor kan zorgen dat, als het niet goed wordt gedaan, ongelijkheid ontstaat.
Zo blijkt dat goede bedoelingen alleen vaak niet genoeg zijn: wie je aan tafel krijgt, bepaalt vaak ook wie er gehoord wordt. Dit beeld wordt bevestigd door onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau, dat laat zien dat vooral mondige en hogeropgeleide groepen vaker deelnemen aan participatietrajecten.
Vaak blijft namelijk één groep buiten beeld: de stille meerderheid. Bewoners die niet vanzelf naar een inloopavond komen, geen zienswijze indienen en niet reageren op een online vragenlijst, maar die vaak wel behoorlijk groot is en zeker geraakt wordt door de uitkomsten.
Die groep is juist essentieel en zorgt er ook voor dat participatie niet iets eenmaligs is, maar breed wordt gedragen door iedereen in de wijk. In dit artikel laten we zien hoe inclusieve participatie in de praktijk werkt. We laten zien welke groepen vaak onbedoeld buiten worden gesloten en hoe je hen juist wél kunt bereiken en betrekken.
Wie bereik je niet met ‘standaard’ participatietechnieken?
Als er gedacht wordt aan participatie, wordt er door veel organisaties en gemeenten meteen aan hetzelfde gedacht: de bewonersbrief. Dit is voor velen een heldere en duidelijke manier van communiceren, maar niet voor iedereen.
Waar de een blij is met uitleg via een brief en dit ervaart als transparante communicatie, durft de ander een brief van overheidsinstanties niet te openen. Dat heeft vaak meer redenen dan alleen ‘minder vertrouwen in de overheid’. Denk aan geldproblemen en schulden, waardoor elke brief kan voelen als een rekening. Of het niet goed beheersen van de taal en steeds je kind moeten vragen om een brief te ontcijferen. Of een enorm drukke baan, mantelzorgtaken of andere vaste tijdsbestedingen, waardoor het er simpelweg niet van komt om rustig de post te lezen.
Volgens de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid wordt in beleid en communicatie vaak uitgegaan van een te rationeel mensbeeld. In de praktijk spelen stress, mentale belasting en beperkte handelingsruimte een grote rol in de vraag of mensen überhaupt kunnen aanhaken. Niet meedoen betekent dus lang niet altijd: niet willen meedoen.
Brief sturen
Een brief verstuurd vanuit de gemeente bereikt dus soms alleen mensen die gemeente-, belasting- of overheidspost durven en kunnen lezen. Daarnaast sluit bestuurlijk en ambtelijk taalgebruik vaak niet aan bij de belevingswereld van bewoners. Al helemaal niet wanneer bewoners laaggeletterd zijn of pas enkele jaren de Nederlandse taal aan het leren zijn. Waar zij zich in het dagelijks leven vaak goed redden, is dit soort taalgebruik net te ingewikkeld.
Wij kunnen helpen in het proces om een toegankelijke brief te schrijven voor alle bewoners. Denk bijvoorbeeld aan een taalambassadeur die meeleest, of visuele versterking in de vorm van een flyer als aanvulling op de brief.
Stigmatisering en uitsluiting liggen hierbij op de loer. Laaggeletterdheid komt in Nederland vaker voor dan vaak gedacht wordt, maar is een onderwerp dat niet iedereen durft of wil delen. Het gaat bovendien niet alleen om mensen met een migratieachtergrond. Toch worden deze groepen snel uitgesloten omdat zij veel informatie niet begrijpen. Het expertisecentrum Pharos benadrukt dat ingewikkelde en formele communicatie gevoelens van schaamte kan versterken en bewoners onbedoeld buitensluit.
Communicatie richting bewoners kan door een onjuist mensbeeld (onbedoeld) stigmatiserend of vernederend zijn en leiden tot uitsluiting en gevoelens van onbegrip, wantrouwen en weerstand.
Online vragenlijst
Waar de een zich betrokken voelt door uitgenodigd te worden voor een online vragenlijst, voelt de ander zich uitgesloten omdat de digitalisering te snel is gegaan.
Niet iedereen is digitaal vaardig.Niet iedereen heeft een laptop. Zorg er daarom voor dat websites zowel op desktop als mobiel goed te lezen en te volgen zijn.
Beeldschermen zijn bovendien niet voor iedereen even makkelijk te lezen, bijvoorbeeld door oogcondities, overprikkeling of concentratieproblemen.
Zorg daarom altijd voor een alternatief, zoals een telefoonnummer dat gebeld kan worden.
Fysieke inloopavond
Ook bij fysieke inloopavonden spelen fysieke en sociale toegankelijkheidsbarrières een rol. Denk aan drempelloze ingangen, hellingen, liften, aangepaste (genderneutrale) toiletten en andere fysieke aanpassingen.
Daarnaast is een goede afweging nodig van timing, locatie, bereikbaarheid en vorm. Avondbijeenkomsten zijn misschien handig voor sommige groepen, maar sluiten andere werkenden uit. Weekendbijeenkomsten kunnen geschikt zijn voor gezinnen, maar botsen met religieuze of recreatieve verplichtingen.
Houd daarom in ieder geval rekening met meerdere momenten, op verschillende tijden en locaties. Overweeg ook om meerdere bijeenkomsten te organiseren.
Hoe bereik je deze stille meerderheid dan wel?
Soms moet je participatie tot bij de inwoners brengen, in plaats van te verwachten dat de inwoners naar jou komen. Van standjes tot geavanceerde deur-aan-deurcampagnes: zo ontmoet je mensen waar ze al zijn en breek je traditionele barrières voor participatie af.
Markten bereiken andere demografische groepen dan winkelcentra. (Buurt)festivals bieden een ontspannen omgeving voor langere gesprekken. Aan de schoolpoort bereik je ouders vaak het makkelijkst. Maar onthoud: succes hangt sterk af van locatie, timing en voorbereiding.
Bij SME maken we duurzaamheid leuk en toegankelijk. We zorgen voor een fijne sfeer en goede gesprekken op een inloopavond over warmtenetten, of organiseren een energiequiz op de gemeentemarkt. We kijken wat er nodig is om de doelgroep die je voor ogen hebt wel te bereiken en doen dit door het hele land.
Sommige methoden zijn snel en eenvoudig, maar bereiken misschien slechts een kleine groep. Andere methoden vergen meer tijd en planning, maar kunnen een breder of diverser publiek aanspreken. Als je deze afweging begrijpt, kun je de juiste tools kiezen op basis van je beschikbare middelen en gewenste impact.
In de realiteit wil je vaak een combinatie: informatie die digitaal én analoog toegankelijk is, communicatie met helder en toegankelijk taalgebruik, én creatievere vormen zoals een postercampagne in de wijk met herkenbare gezichten, of ambassadeurs en sleutelfiguren uit de wijk. Zo vergroot je de kans dat iedereen zich aangesproken voelt.
Wij duiken in onze eigen rijke ervaring, projectendatabases en literatuur en komen tot een overzicht van passende mogelijkheden. Denk aan technieken die bijdragen aan sociale cohesie en vergroening in de wijk, of aan manieren om bewoners te betrekken bij beleid dat hen direct aangaat.
Duidelijkheid over invloed voorkomt afhaken
Tot slot is helderheid over invloed essentieel voor vertrouwen. De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid benadrukt dat onduidelijkheid over waar bewoners wel of niet over kunnen meedenken of meebeslissen leidt tot teleurstelling en afhaken.
Onze belangrijkste tip is daarom: communiceer duidelijk over de ruimte voor invloed. Door verwachtingen expliciet te maken, voorkom je een mismatch tussen beleid en beleving en leg je een stevige basis voor eerlijke en inclusieve participatie

Fieke Rijke